Omgekeerde Kerst

Met Kerstmis vierden we hoe het Woord van God vlees en bloed werd in het mensenkind Jezus. Het Woord daalde neer en kreeg handen en voeten in een mens tastbaar nabij. Maar met Hemelvaart vieren we hoe diezelfde mens ons ontstijgt, hoe Hij verdwijnt in de woorden van getuigenissen en blijde boodschappen. Het mensenkind van vlees en bloed wordt terug Woord en gaat op in de hemel en gaat al eeuwen de wereld door.

Hemelwaarts

Hij werd ten hemel opgenomen. Jezus, die kwam van al zo hoge, die uit God zelf is geboren, keert terug naar zijn Vader. Vreemd, wat moet je je daar bij voorstellen, zo’n hemelvaart moet wel iets spectaculairs geweest zijn. Logisch is het wel: Jezus kwam uit de hemel en gaat terug naar de hemel. De leerlingen waren er getuige van hoe Hij uit hun midden verdween en ten hemel werd opgenomen. Van het kerngebeuren van ons geloof: de verrijzenis van Jezus zijn er geen getuigen, maar wel waren er verschillende verschijningen en de hemelvaart van Jezus, daar waren telkens heel veel mensen bij.

Getuigenissen

Ons geloof steunt op deze getuigenissen, al hebben we het er niet altijd gemakkelijk mee. Jezus’ hemelvaart wil ons duidelijk maken dat wij zijn werk moeten voortdoen. De apostelen hebben dit goed begrepen en zijn Jezus gaan verkondigen. Jezus’ hemelvaart maakt ons duidelijk dat Hij weg is, dat wij in zijn Geest en met zijn Geest Hem nabij brengen daar waar wij het evangelie in de praktijk zichtbaar maken.

Aanwezig, afwezig

Al heeft Hij ons verlaten, Hij laat ons nooit alleen. Hij is met ons, wie of waar we ook zijn. Dit hebben de apostelen aan den lijve ondervonden. Hun Heer en Meester was wel opgenomen in die hoge hemel, maar ze wisten Hem zo dichtbij. Waar ze samenkwamen om te bidden voelden ze zijn aanwezigheid, waar ze het brood braken was Hij lichamelijk in hun midden. In zijn kracht genazen ze zieken, deden wonderen en veroverden de wereld met het woord van liefde, met het woord van God zelf.

Geestkracht

Dat gevoel van Jezus’ nabijheid is nooit weggevallen. O, er zijn perioden geweest in de geschiedenis dat christenen niet meer zo vurig leefden, of zijn afgedwaald van het evangelie. Maar telkens weer stonden er profeten op, of noem ze eigenzinnigen, die het vuur weer aanstaken en zo Jezus weer voelbaar nabij brachten. Jezus liet ons niet verweesd achter. Wij hoeven niet met lede ogen de hemel af te speuren of er al iets te zien is van zijn wederkomst. Jezus heeft ons zijn Geest gegeven, zijn vuur brandt in ons hart als wij geloven en vertrouwen dat er iets te doen valt met deze wereld, onze aarde. De bijbel geeft veel namen voor de heilige Geest, zoals de Geest van wijsheid, van macht, van kennis en verstand. Eén van de namen die Jezus vaak gebruikt, is de Geest van de waarheid.

De Geest als trooster en helper

In het Grieks staat hier het woord ‘parakletos’, wat betekent: iemand die langs komt, die bij je is en met je meeloopt, de last voor je draagt, waarachtig, in alle eerlijkheid. Want de Geest is de waarheid, in de heilige Geest is er geen leugen. Enkel zo’n geest kan ons vooruit helpen, waarachtig vertroosten. Jezus laat zijn leerlingen niet in de steek door zijn hemelvaart, maar maakt opening en nieuwe toekomst mogelijk door de Helper, de Trooster te sturen. De Geest als een geestelijke bijstand. Bijstand, ja letterlijk, iemand die aan je zijde geroepen wordt, een advocaat, hij verdedigt, staat bij, troost en sterkt je… Kunnen wij als hedendaagse christenen, net als die eerste leerlingen, ook bij elkaar op adem komen om zo kracht te vinden om door te gaan, te dragen wat moet gedragen, te doen wat moet gedaan.

Vol hoop

Onze wereld is goed, want God heeft ze gemaakt. Dat mogen wij als christenen nooit vergeten. Wij kunnen geen doemdenkers zijn als wij geloven in de kracht van de liefde. Wij kunnen niet zeggen dat de wereld slecht is, want dan doen we onrecht aan God en aan de natuur en aan de zovele mensen van goede wil. Wij staan vol hoop in deze wereld. We staan sterk met de woorden van Jezus. Heel het evangelie is de handleiding voor ons leven. Jezus zegt ons daarin: dat we niet bang moeten zijn, dat we iedereen moeten graag zien, dat we moeten blij zijn met al wat er is, dat we mogen genieten van het leven, dat we geborgen zijn in Gods hand. Al deze woorden maken deel uit van ons leven op aarde. De woorden uit het evangelie spreken evengoed over de hemel. Jezus zegt ons daarin: dat wanneer alle mensen elkaar echt zouden graag zien de hemel in ons midden komt. Dat wanneer wij doen zoals Jezus het Rijk Gods niet veraf meer is.

Onbevreesd

Laten we niet bang zijn om over Jezus te spreken. Laten we niet bang zijn Jezus te tonen aan anderen in al wat wij doen. Niet staren naar de hemel, maar zien dat de aarde vol zit van die hemel. Jezus is ons steeds nabij, laten we dan in liefde en geloof zo leven dat de wereld ooit eens hemels wordt voor iedereen.

(deze bezinning bij Hemelvaart verscheen in alle edities van KERK&leven van het decanaat Brugge, 9 mei 2018)