Bij de 24e zondag (door het jaar A)

Wist je dat wij de enige diersoort zijn die kunnen blozen? Dat het dus aan ons te zien is wanneer wij ons schamen, dat de kleur op onze wangen verraadt dat we om iets verlegen zijn. Wist je dat wij de enige diersoort zijn met wit in onze ogen? Dat onze iris dus heel goed te volgen is, dat onze ogen de spiegels zijn van onze ziel. Iemand die je niet in de ogen kijkt heeft iets te verbergen, laat niet in zijn binnenkant zien. Als mensen zijn wij sociale wezens met een groot gevoel voor communicatie. Ons lichaam is gemaakt om in contact te komen met een ander, zelfs als wij zwijgen kan ons gezicht boekdelen spreken. Het menselijke gelaat verbruikt de minste energie bij het glimlachen, in een ontspannen toestand straalt het zelfs vrede uit. Boos kijken, rimpels maken, de lippen stijf op elkaar houden, dat alles vergt veel energie.

Jezus leert ons lief te hebben, met mededogen in het leven te staan, niet met wrok, nijd en haat, dat is geen leven. Jezus leert ons voluit te leven en anderen telkens weer nieuwe kansen te schenken zodat ook zij voluit zouden kunnen leven. Vergeving schenken, vergeving ontvangen, het toont ongekende krachten en de schoonheid van ons menszijn. Wie het zelf heeft mogen ervaren weet wat ik bedoel. Enkel door nieuwe kansen te krijgen maken we toekomst mogelijk.

27 jaar lang zat Nelson Mandela (18 juli 1918 – 5 december 2013) gevangen op Robbeneiland. Hij gebruikte die tijd niet om haatdragend te worden, maar om zich te bekwamen in het communiceren met zijn vijanden, op de eerste plaats zijn gevangenisbewakers. In al die jaren ontwikkelde Mandela in zijn hoofd een strategie om Zuid-Afrika te behoeden van burgeroorlog en de vijandelijke partijen te verzoenen met elkaar.

Bono, de zanger van de Ierse rockband U2,  schrijft over Mandela bij zijn overlijden in 2013: “Het was alsof Mandela geboren was om deze tijd een les te leren in nederigheid, humor en vooral geduld. Uiteindelijk heeft Nelson Mandela ons getoond hoe we eerder lief moeten hebben dan te haten, niet omdat hij nooit overhaald werd tot woede en geweld, maar omdat hij leerde dat liefde beter werk verricht. Mandela speelde met de hoogste inzet. Hij plaatste zijn familie, zijn land, zijn tijd, zijn leven op het spel, en won de meeste wedstrijden. Koppig tot het einde om de goede redenen, voelde het aan alsof hij zijn Schepper het nakijken gaf. Vandaag, knipperde God met zijn ogen. En sommigen onder ons huilen, wetende dat onze ogen open gingen door zijn toedoen.”

Nelson Mandela schrijft in zijn autobiografie ‘De lange weg naar vrijheid’ deze tijdloze boodschap van verzoening en liefde: “Ik wist altijd dat er diep in elk menselijk hart genade en goedheid was. 

Niemand is geboren om de ander te haten om zijn huidskleur, achtergrond of geloof. Haten is aangeleerd en als je kunt leren haten, kun je ook leren liefhebben. Uiteindelijk is liefde veel natuurlijker dan haat.

Zelfs in de grimmigste tijden in de gevangenis, toen mijn kameraden en ik tot onze grenzen werden gedreven, zag ik soms een glimpje humaniteit in één van de bewakers, misschien maar een seconde, maar lang genoeg om me gerust te stellen en gaande te houden. De goedheid van de mens is een vlam die kan worden verborgen, maar nooit gedoofd.”