Bij de 8e zondag door het jaar C

‘Waar het hart vol van is daar loopt de mond van over’, het is een gekend spreekwoord en het is nog evangelie ook… Jezus verwijst naar ons innerlijke leven, naar wat ons ter harte gaat, naar waar ons hart mee gevuld is. Is het met liefde en goedheid, of is het met haat en kwaadheid?

Jezus leert ons dat dat zeker aan de oppervlakte komt, dat dat merkbaar zal zijn in ons spreken en handelen. Innerlijk en uiterlijk kunnen niet los van elkaar gezien worden. Onze innerlijke wereld zal in de buitenwereld opgemerkt worden. Jezus leert ons telkens weer de liefde in al zijn aspecten een plaats te geven in ons leven, het is een liedje dat hij niet laten kan. In alles wat Jezus zegt en doet, spreekt de liefde, toont zich de liefde. Liefde is wat liefde doet. Een liefdevolle mens straalt liefde uit.

Kunnen wij als gelovigen, volgelingen van Jezus leven, spreken en handelen zoals Jezus? Ja, dat kunnen we zeker, al lukt dat niet altijd. Het is elke dag aandacht hebben, het is elke dag leren en afleren, het is met vallen en opstaan, het is een boeiende uitdaging. Elke dag zetten wij ons hart open om het te laten vullen door Gods liefde, elke dag laten wij ons hart en onze mond overlopen van die liefde. Wij proberen goed te doen, goede daden te stellen, want aan de vruchten kent men de boom. Wanneer wij echt gevuld zijn van liefde, dan kunnen we niet anders dan dit uit te spreken, te verkondigen in woord en daad.

Waar zijn wij gelovigen van vervuld? Is dat te merken aan ons? Durven wij nog spreken over wat ons ter harte gaat, waar ons hart mee gevuld is?

Heel wat gelovigen stellen zich vragen over de toekomst van de kerk. De kerk heeft geen aantrekkingskracht meer. Kinderen, jongeren, jonge gezinnen, jong-gepensioneerden… waar zijn ze? Een eerste houding is die van gelatenheid: tja, het is nu eenmaal zo… Een tweede houding is die van het oordelen: het is de schuld van… Een derde houding is die van het vertrouwen: blijven geloven in de liefde en dit in alles laten horen en zien. Uiteindelijk is het Gods werk, het is Gods kerk, wij mogen daaraan meewerken. Laten we als enthousiaste gelovigen elke gelegenheid gebruiken om anderen kennis te laten maken van de bron waaruit wij leven.

Laten we jongvolwassenen die kerkelijk willen huwen hartelijk ontvangen en hen zegenen met Gods liefde. Laten we jonge ouders die hun kinderen laten dopen spreken over de bron van leven en hen oproepen zelf ook een bron van leven te zijn voor hun kinderen. Laten we zesjarigen welkom heten aan de tafel van Jezus en twaalfjarigen vormen met de geest van Jezus. Laten we vooral zelf niet vergeten enthousiaste gelovigen te blijven en zoveel mogelijk goed te doen en dit alles met overvloeiende liefde, want een hart gevuld met liefde kan niet anders dan overlopen van liefde. Wij kiezen de weg van de liefde en niet de weg van gelatenheid, niet de weg van moedeloosheid, niet de weg van oordeel en frustratie. Wij kiezen de weg die Jezus ging, de weg van een overvloed aan liefde…