Bij de negentiende zondag door het jaar B

Eten, maaltijd houden, het is een belangrijke dagelijkse bezigheid. Heel wat van onze tijd gaat in het aankopen en bereiden van voedsel. Een gezellige bijeenkomst gaat meestal gepaard met een etentje, thuis of op restaurant… in deze zomertijd zijn er vele barbecues…

Ook in de godsdiensten speelt de maaltijd een belangrijke rol bij het vieren van een feest of het houden van rituelen. In het boeddhisme en hindoeïsme schenkt men voedsel aan godenbeelden, men overgiet sommige beelden met soma, godenmelk. In het oude Egypte kende men de cultus rond Osiris met de maaltijd van brood en wijn. Vroeger kende men bij de Romeinen maaltijden bij de grafmonumenten, wat nu nog te zien is met Allerzielen op Mexicaanse begraafplaatsen. Bij de joden viert men met Matze-brood op Pesach en sabbat de uittocht. De eerste christenen werden herkend aan het breken van het brood. In islamitische vieringen gaan zoete koekjes van hand tot hand.

(tonen van een graanhalm)

Ik heb hier een grassoort in mijn hand, een soort van gras met bijzondere zaden die heel onze mensengeschiedenis heeft omvergeworpen. Na ruim twee miljoen jaar als jager-verzamelaar door het leven te gaan is de mens beginnen gras te zaaien waarvan de zaden eetbaar en vooral heel voedzaam waren: het graan, dat later gemalen en in deeg verwerkt werd voor het bakken van brood. Graangewassen zijn tot op de dag van vandaag nadrukkelijk aanwezig in ons dagelijks leven en vormen haast wereldwijd de basis van onze voeding. Tarwe is de absolute koploper, gevolgd door maïs, rijst en gerst. Op de achtste plaats komt de aardappel. Wist je dat er slechtst vier van deze planten nodig zijn om de helft van de jaarlijkse wereldopbrengst aan calorieën te realiseren: de drie gewassen zijn tarwe, maïs en rijst, versterkt door de aardappel. Elk van deze topgewassen is gedomesticeerd in pre- of vroeghistorische tijden. Door van jager naar landbouwer over te gaan is de mens op een andere wijze leren omgaan met de schepping, hij werd mede-schepper en niet alleen consument. Hij leerde handel drijven, hij leerde samenleven in grote aantallen in de eerste steden, hij leerde omgaan met vrije tijd, maar hij leerde ook te delen met hen die minder hadden. De uiteindelijke waarde van het brood zit in het delen, wie laat je ervan mee-eten?

Jezus vroeg ons hem te gedenken tijdens een maaltijd met brood en wijn, twee sterke symbolen voor gegeven leven… de symboliek van de stervende graankorrel die vruchtbaar wordt, de symboliek van geplette druiven die tot wijn worden… Jezus was dat graan en die druiven, Hij gaf zijn leven opdat wij zouden leven. Volgens mij bestaan er geen sterkere symbolen om Jezus’ leven te gedenken: brood breken, wijn delen. Wij christenen kunnen veel weglaten en veranderen, maar de kern van ons biddend samenzijn zal altijd te maken hebben met een maaltijd, sterker nog een agapé, een liefdesmaaltijd. Wij zullen blijven mensen verzamelen rond één tafel, we zullen blijven brood breken en delen om nooit te vergeten wie Jezus is en hoe wij Jezus kunnen zijn voor elkaar.